Blog post (4): Honderd holocausts

Blog post (4): Honderd holocausts
16/04/2020 Karel Beckman

Dit stukje gaat niet over de coronacrisis. Maar over een andere crisis, niet zo lang geleden, die bijna leidde tot het einde van de wereld zoals wij die kennen.

Image by Gerd Altmann from Pixabay

Ik neem u mee naar een gebeurtenis, een hele kleine gebeurtenis eigenlijk, in het jaar 1961, verteld door Daniel Ellsberg, in zijn memoires The Doomsday Machine, Confessions of a Nuclear War Planner, die in 2017 verschenen. Ellsberg was de man die in 1971, toen hij op het Amerikaanse ministerie van Defensie werkte, de zogeheten “Pentagon Papers” naar de New York Times lekte. Hierdoor werd voor het eerst bekend dat de Verenigde Staten zich schuldig hadden gemaakt aan massale bombardementen met chemische middelen in Cambodja en Laos. (In die tijd, als je zoiets lekte, werd je een publieke held – hoewel Ellsberg wel degelijk werd vervolgd door de overheid onder de Espionage Act, maar vrijgesproken.)

In 1961 werkte Ellsberg als analist bij de roemruchte Rand Corporation, de moeder van alle denktanks. In die hoedanigheid was hij adviseur van de nieuwe regering van president John F. Kennedy, die in januari van dat jaar was aangetreden – en die niet erg populair was bij de communistenvreters in de militaire en inlichtingenkringen in Washington. Maar ik laat Ellsberg even zelf aan het woord.

“Op een dag in de lente van 1961,” schrijft hij, “kort na mijn 30e verjaardag, kreeg ik te zien hoe de wereld zou eindigen. Niet de aarde, niet – voor zover ik toen wist – de hele mensheid of al het leven, alleen de meeste steden en mensen op het noordelijk halfrond. Wat aan mij werd overhandigd, in een kantoor in het Witte Huis, was een blaadje papier met wat cijfers en lijnen erop. Er stond boven Top Secret—Sensitive, en daaronder, For the President’s Eyes Only.”

Op dit simpele memo stond het antwoord op een vraag die door Ellsbergs vriend en collega Bob Komer namens Kennedy was gesteld aan de Joint Chiefs of Staff, het hoogste militaire orgaan in de VS. Komer liet het memo aan Ellsberg zien omdat die de vraag had ingestoken.

De vraag was: “Als jullie plannen voor een algemene kernoorlog worden uitgevoerd zoals gepland, hoeveel mensen zullen er dan worden gedood in de Sovjet-Unie en China?”

Ellsberg had eigenlijk geen duidelijk antwoord verwacht, maar het kwam per ommegaande, in de vorm van een glasheldere grafiek die liet zien dat er in de twee communistische landen 270 miljoen doden zouden vallen binnen een dag na de aanval. Dat zou oplopen tot 325 miljoen in de maanden daarna.

Diezelfde ochtend besloot Ellsberg, met Komers instemming, namens de president, een vervolg-vraag te stellen. Hoeveel doden zouden er in de hele wereld vallen, vroeg hij de Chefs van Staven, als jullie plannen voor een algemene kernoorlog zouden worden uitgevoerd?

Het antwoord op die vraag kwam ook snel, een week later, dit keer in de vorm van een tabel met voetnoten: bovenop de 275-325 miljoen in de Sovjet-Unie en China nog 100 miljoen in Oost-Europa, 100 miljoen in West-Europa (een beetje afhankelijk van de wind), en 100 miljoen in andere landen grenzend aan de Sovjet-Unie en China.

In totaal, schrijft Ellsberg, “ruwweg 600 miljoen. Honderd holocausts.”

Ellsberg herinnert zich wat er door hem heen ging toen hij dit papier onder ogen kreeg: “Dit stuk papier zou niet moeten bestaan. Het zou nooit hebben moeten bestaan. Niet in Amerika. Niet ergens anders, ooit. Het beschreef een kwaad zoals nog nooit was voorgekomen in een menselijk project. Er zou niets moeten bestaan op aarde, niets in de werkelijkheid, waar het naar verwees.”

Maar, zo vervolgt Ellsberg, zelf ex-marinier, het papier verwees wel degelijk naar de werkelijkheid. Het “project” was maar al te reëel. In zijn memoires beschrijft hij in huiveringwekkend detail de militaire stappenplannen die de VS vastbesloten waren te volgen, niet eens als antwoord op een nucleaire aanval van de Sovjet-Unie, maar zelfs als de Russen bijvoorbeeld West-Berlijn zouden binnenvallen. Daarop zou onmiddellijk de vernietiging volgen van alle grote steden in Rusland én China (ook al hadden de Chinezen er niks mee te maken!).

Nog beangstigender: de beslissingsbevoegdheid voor deze mega-multi-holocaust bleek door president Eisenhower te zijn gedelegeerd aan de regionale commandanten van de Amerikaanse strijdkrachten in Azië, Europa en andere werelddelen. Die hadden op hun beurt hun bevoegdheid weer gedelegeerd aan lagere commandanten. Dit voor het geval de verbindingslijnen zouden zijn verbroken, wat volgens Ellsberg in de praktijk gemiddeld één keer per dag gebeurde. “That put many fingers on the button,” noteert hij droog.

Die vingers op de knop is natuurlijk beeldspraak – zou je denken. Maar niet heus. Ellsberg beschrijft ook wat er zou zijn gebeurd als de fatale order zou zijn gegeven: in dat geval zou met onvoorstelbare snelheid en precisie de vernietigingsmachine in werking zijn gezet. Tien minuten – meer hadden de VS niet nodig voor de vernietiging van de halve wereld.

Het meest schrikbarende was, schrijft Ellsberg, dat zowel Eisenhower als Kennedy, ondanks gewetensbezwaren, niet hadden geschroomd om hun handtekening te zetten onder deze plannen. Er was zelfs geen plan B: als gevolg van bezuinigingen op de strijdkrachten was dit de enige manier waarop de VS een aanval van de Sovjet-Unie konden weerstaan.

Je vraagt je af welke stappenplannen er vandaag de dag nog klaar liggen in Washington, Moskou en Beijing. Ik ben er niet gerust op.*

En dan vinden sommige mensen het gek dat ik tegen de staat ben.

*Echt bewijs heb ik er niet voor, maar ik vermoed eigenlijk dat het moreel besef van Donald Trump op een hoger peil ligt dan dat van Eisenhower en Kennedy. Met die gedachte mag u verder doen wat u wilt.

0 Reacties

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*